Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding

Terug naar navigatie - Onderhoud kapitaalgoederen - Inleiding

In deze paragraaf staat hoe we met onze kapitaalgoederen omgaan. Kapitaalgoederen zijn goederen met een meerjarig nut. Denk aan wegen, gebouwen, riolering en openbaar groen. Zoals wettelijk is voorgeschreven worden investeringen met een meerjarig nut afgeschreven. De afschrijvingstermijn die daarbij wordt gebruikt komt overeen met de economische levensduur van de investering. Wij hanteren wel een ondergrens. Investeringen met een waarde van minder dan € 20.000 worden niet geactiveerd, maar komen direct ten laste van de exploitatie.
Het onderhoud van de kapitaalgoederen voeren we zoveel mogelijk in samenhang uit in integrale projecten, bijvoorbeeld bij wegen en riolering.

Wij streven naar een verantwoord beheer van onze kapitaalgoederen. In deze paragraaf geven we een indicatie over de staat van onderhoud en welke middelen voor het onderhoud in de begroting zijn opgenomen.

Daarbij gaan wij uit van:

  • Een rioolstelsel dat wordt beheerd overeenkomstig het watertakenplan.
  • Een kwaliteitsniveau van de wegen volgens het scenario 'laag'.
  • Een kwaliteitsniveau voor openbaar groen dat past bij het budget.
  • Een gedifferentieerd onderhoudsniveau voor gemeentelijke gebouwen.

Riolering en water

Terug naar navigatie - Onderhoud kapitaalgoederen - Riolering en water

In het watertakenplan is de inrichting en het beheer van de afvalwaterketen (riolering en zuivering) en het watersysteem beschreven. Met het watertakenplan geven wij invulling aan de planverplichting uit de Wet milieubeheer. Met de inhoud van dit plan leggen we de basis voor de zorgplichten van de gemeente en de zorgplichten van het waterschap. Naast onze zorgplichten spelen wij met dit watertakenplan in op het veranderende klimaat, de duurzaamheidsopgaven en technologische ontwikkelingen. Zo kunnen we ook in de toekomst een veilig en goed functionerende afvalwaterketen en watersysteem waarborgen.


Kerncijfers

  • 298 kilometer vrij verval riool
  • 688 kilometer persleiding (inclusief aansluitleidingen)
  • 86 gemalen, 6 bergbezinkvoorzieningen en 1973 drukriool installaties
  • 8000 inspectieputten
  • 16.750 kolken en 2,3 kilometer lijngoten

 
Beleidskaders

  • Watervisie Berkelland 2030 (in samenwerking met het waterschap opgesteld)
  • Watertakenplan
  • Beheerplan riolering
  • Regenwaterstructuurplan
     
    Huidige staat en ontwikkelingen
    Binnen taakveld riolering kennen wij alleen onderhoudsniveau 'goed', anders kunnen er gevolgen voor de volksgezondheid ontstaan. Met het watertakenplan is een stap gemaakt in het toepassen van risicogestuurd beheer. Bij risicogestuurd beheer stappen we af van louter cyclisch beheer. We reinigen, inspecteren, renoveren of vervangen dan niet meer alleen omdat het zoveel jaar geleden is gedaan, maar kijken naar de technische kwaliteit en noodzaak tot vervanging. De planning van de uitvoering van rioolvervanging/onderhoud wordt integraal afgestemd met de wegbeheerders. 
     
    Financiën
    In de paragraaf lokale heffingen staat een totaaloverzicht van de kosten die worden toegerekend aan riolering. De jaarlijkse lasten voor beheer en onderhoud worden gedekt door tarieven. Op basis van het watertakenplan zijn de tarieven op termijn nog niet kostendekkend. Een tekort of overschot in een jaar wordt onttrokken of toegevoegd aan de voorziening voor rioolheffing. 

Onderhouden van wegen

Terug naar navigatie - Onderhoud kapitaalgoederen - Onderhouden van wegen

De gemeente Berkelland heeft verharde wegen met een oppervlakte van 4,37 miljoen m2, ofwel 437 hectare. Hiervan ligt 55% buiten de bebouwde kom en 45% binnen de bebouwde kom. Het grootste deel van het areaal bestaat uit asfaltverharding (circa 59%). en 40% elementenverharding (tegels, betonstraatstenen, klinkers. etc.) en een klein gedeelte (circa 1%) bestaat uit cementbetonverharding. Onderstaande tabel geeft verder inzicht.

Daarnaast beheren en onderhouden we circa 679.000 m2 aan half- en onverharde paden en zandwegen. Ongeveer 40% daarvan is halfverhard en 60% betreft zandwegen.

De volgende kenmerken zijn van invloed op het onderhoud van het wegenareaal:

  • We hebben een groot areaal van (met name oude asfalt-)wegen gelegen in het buitengebied, dat door een toename van steeds zwaarder wordend verkeer ook steeds zwaarder belast wordt en daardoor sneller slijt en sneller aan reconstructie toe is.
  • Het wegenareaal is over het algemeen verouderd met als resultaat dat diverse wegconstructies het einde van de levensduur naderen of al hebben bereikt.
  • We hebben per inwoner ca. 100 m2 verharding in beheer; bijna dubbel zo veel als gemiddeld in Nederland (58m2).
  • De profilering van wegen voldoet op veel plekken niet meer aan huidige eisen en het hedendaagse gebruik.
  • We hebben veel last van wortelopdruk van bomen die inmiddels dicht langs ons wegen staan.
  • Binnen de verschillende kernen zijn de wegen voornamelijk uitgevoerd in (dure) elementenverhardingen.
  • In de recente jaren stegen de prijzen in de grond-, weg- en waterbouwsector sterk. De stijging van prijzen houdt aan.

 

Beleidskaders

Wegenbeleidsplan 2025-2029 (juli 2025) 

Er is besloten om voor de onderhoudskwaliteit van de wegen het scenario 'laag' te hanteren. Dat betekent dat de meeste wegvakken binnen en buiten de bebouwde kommen onderhouden worden op het niveau 'laag'. Voor fietspaden wordt het onderhoudsniveau 'basis' gehanteerd.

 

Gewenste kwaliteit Centrum-gebied Wijkont-sluitings-wegen Woon-straten Industrie-wegen Erftoe-gangswegen buiten de kom Overige wegen buiten de kom
Asfalt Rijbaan Laag Laag Laag Laag Laag Laag
Fietspaden Basis Basis Basis Basis Basis Basis
Voetpaden Laag Laag Laag Laag Laag Laag
Overige Laag Laag Laag Laag Laag Laag
Elementen Rijbaan Laag Laag Laag Laag Laag Laag
Fietspaden Basis Basis Basis Basis Basis Basis
Voetpaden Laag Laag Laag Laag Laag Laag
Overige Laag Laag Laag Laag Laag Laag

Huidige staat en ontwikkelingen

We inspecteren elke 2 jaren alle wegverhardingen op de aanwezigheid van schades. We monitoren het kwaliteitsverloop en herijken de onderhoudsbehoefte. Op basis daarvan maken we jaarlijks onderhoudsplanningen en voeren die uit. Als uit de tweejaarlijkse inspectieresultaten blijkt dat wegen of wegvlakken aan het einde van de levensduur zijn dan nemen we die op in het meerjaren investeringsprogramma (MJIP). De veroudering van het wegennet gaat de komende decennia zorgen voor een piek in de investeringsbehoefte.

In onderstaande figuur is de areaalbrede trendlijn weergegeven:

Uit de trendlijn blijkt dat de algehele kwaliteit van de wegverhardingen in de periode van 2023 naar 2025 gelijk is gebleven (zelfs licht gestegen). Dat is het gevolg van de incidentele inzet van extra middelen in combinatie met de ontwikkeling van datagedreven werken.  

 

In 2027 vindt opnieuw een globale visuele weginspectie plaats. Met die gegevens is een meer gedetailleerd beeld van de kwaliteitstrend te geven.

Onverminderd geldt dat de onderhoudsvraag in de laatste jaren flink groter was dan het beschikbare budget. Die situatie heeft zich in 2025 en 2026 gestabiliseerd, door de incidentele inzet van extra middelen.. 

Gezien de levensduur staat de onderhoudsbehoefte de komende jaren onder druk.  We kunnen die behoefte de komende jaren inlopen door het aanwenden van de vrijgevallen afschrijvingslasten als gevolg van het aanpassen van de afschrijftermijn van wegverhardingen.

 

 

 

Financiën

Het verschil tussen het structureel beschikbare budget binnen de exploitatiebegroting voor het uitvoeren van onderhoud aan wegen en de behoefte is circa € 1,5 miljoen. Die (groot) onderhoudsbehoefte bij het met het nieuwe wegenbeleidsplan vastgestelde kwaliteitsniveau ‘laag’ bedraagt € 3,55 miljoen. Voor 2027 is € 3,5 miljoen beschikbaar voor (groot) onderhoud, waarvan incidenteel € 1,5 miljoen. Dat betekent dat de onderhoudsbehoefte in 2027 (net als in 2025 en 2026) niet zal groeien. 

Openbare verlichting

Terug naar navigatie - Onderhoud kapitaalgoederen - Openbare verlichting

De gemeente Berkelland beheert en onderhoudt ongeveer 9.200 lichtmasten en armaturen. Een areaal dat jaarlijks groeit door nieuwbouw in- en uitbreidingen en herinrichting van openbare ruimte. Eind 2026 verwachten wij ongeveer 3/4 van alle lichtmasten voorzien te hebben van een ledlamp.
 
Huidige staat en ontwikkelingen
Ongeveer 10% van alle lichtmasten en ongeveer 20% van alle armaturen is ouder dan de theoretische levensduur. Met name op het gebied van armaturen geeft dat problemen, omdat het voorkomt dat vervangende lampen en onderdelen niet meer leverbaar zijn. We moeten in de toekomst dus meer gaan vervangen. 
 
Beleidskaders
Beleidsplan openbare verlichting 2025-2034.
 
Financiën
Op dit moment staan de onderhoudsbudgetten voor openbare verlichting onder druk als gevolg van de energieprijzen. 'VerLEDden' zorgt voor vermindering van energiekosten én de kosten van storingen. Met het investeringsprogramma infrastructuur 2026 wordt een slag geslagen met het 'verLEDeden' van onze openbare verlichting. 

Groen en speelvoorzieningen

Terug naar navigatie - Onderhoud kapitaalgoederen - Groen en speelvoorzieningen

Berkelland heeft 180 hectare groen in de bebouwde kommen. Hiervan is ongeveer 35 hectare gazon, 75 hectare ruw/bloemrijk gras, 41 hectare bosplantsoen en 18 hectare heesters, hagen en vaste planten en 11 hectare diversen.
Gemeente Berkelland is eigenaar van 16.000 bomen in de bebouwde kom. Daarnaast zijn er 81.000 bomen buiten de bebouwde kom. 
Er zijn 495 speeltoestellen inclusief doeltjes en dergelijke in Berkelland in de openbare ruimte. Relatief veel toestellen zijn oud (ouder dan 15 jaar). Op basis van het huidige beleidsplan "Spelen en bewegen in de openbare ruimte" is er een inhaalslag gaande om verouderde toestellen te verwijderen en nieuwe toestellen te plaatsen die aansluiten bij de doelgroepen in de wijk of in het dorp. 
 
Beleidskaders

  • Groenbeleidsplan en groenstructuurplan 2024-2033.
  • Beleidsplan spelen en bewegen in de openbare ruimte 2022-2031.
  • Bomenbeleidsplan 2020-2029

    Huidige staat en ontwikkelingen
    De huidige staat is wisselend: over het algemeen is de staat van het groen redelijk tot goed, maar er zijn ook diverse locaties die verouderd zijn. Dit gaat zowel om groen- als speelvoorzieningen. De budgetten zijn toereikend om het onderhoudsniveau laag te handhaven.

 

Onderhoud gebouwen

Terug naar navigatie - Onderhoud kapitaalgoederen - Onderhoud gebouwen

Het onderhoud aan gebouwen wordt uitgevoerd op basis van het meerjaren onderhoudsplan. Het plan heeft betrekking op 54 gebouwen/bouwwerken waarvan:

  • 9 leegstaande panden
  • 6 gymzalen
  • 3 museums
  • 2 molens
  • 3 sporthallen
  • 2 gemeentewerven
  • 1 woning
  • 4 brandweerkazernes
  • 5 kerktorens
  • 19 overig

Beleidskaders

In 2026 vond er een inspectie plaats van de gemeentelijk gebouwen. Hierbij is de actuele onderhoudsstaat van de gebouwen vastgelegd. Voor het onderhoud onderscheiden we de volgende onderhoudsniveau’s:

Niveau 1 Uitstekend: Nieuwbouwkwaliteit en/of met nieuwbouw vergelijkbare kwaliteit.
Niveau 2 Goed: Nieuwbouwkwaliteit met de eerste tekenen van feitelijke veroudering.
Niveau 3 Redelijk: Het verouderingsproces is over vrijwel de gehele linie duidelijk op gang gekomen.
Niveau 4 Matig:  Het verouderingsproces heeft het bouwdeel duidelijk in zijn greep.
Niveau 5 Slecht: Het verouderingsproces is min of meer onomkeerbaar geworden.
Niveau 6 Zeer slecht: Een zodanig slechte toestand dat dit niet meer te classificeren valt onder conditie 5.

Om een goed en veilig gebouw te kunnen bieden is ervoor gekozen om de gemeentelijke 
gebouwen in onderhoudsniveau 3 te houden/krijgen. Uitzondering hierop zijn het gemeentehuis en 
de gemeentewerf. Hiervoor wordt onderhoudsniveau 2 aangehouden.

Meerjarenonderhoudsplan
We voeren het in 2025 opgestelde meerjarenonderhoudsplan uit.

Financiën
In de begroting is jaarlijks € 425.000 gereserveerd voor het onderhoud van gemeentelijk vastgoed. Voor het dagelijks onderhoud is een budget beschikbaar van € 267.490. Voor het onderhoud van de technische installatie is  € 101.580 beschikbaar. Het totale budget voor onderhoud gebouwen bedraagt € 794.070.